Sociale toeslag

De sociale toeslag is er voor gezinnen die met hun inkomen de opvoedingskost moeilijker kunnen dragen. De toeslag is bedoeld om de draagkracht van minder kapitaalkrachtige gezinnen te vergroten en is afhankelijk van inkomen en gezinsgrootte. Het bedrag wordt automatisch toegekend zodra je er recht op hebt.

JAARINKOMEN ≤ € 30.986,17 € 30.986,17 tot € 61.200
1 of 2 kinderen € 51 per kind, per maand geen toeslag
Meer dan 2 kinderen € 81,60 per kind, per maand € 61,20 per kind, per maand

Wie heeft recht op een sociale toeslag?

De eerste inkomensgrens (≤ € 30.986,17) geldt voor alle gezinnen.

De tweede inkomensgrens geldt voor gezinnen met drie of meer kinderen waarvan minstens een kind geboren is vanaf 2019.

Welke bedragen?

Kinderen geboren vanaf 2019 krijgen de nieuwe bedragen (zie tabel).

Kinderen geboren vóór 2019 behouden de bedragen van de sociale toeslag uit de oude kinderbijslagreglementering, aangepast aan hun basisbedrag.

Wat bij een scheiding (nieuwe situatie vanaf 2019)?

  • Het kind woont evenveel bij elke ouder

Bij gelijkmatig verdeelde huisvesting (50/50) wordt gekeken naar het inkomen van beide ouders apart, binnen hun nieuw samengesteld gezin. Is er recht op een sociale toeslag, dan wordt het bedrag bepaald op basis van de gezinsgrootte. Kinderen met gelijk verdeelde huisvesting tellen volledig mee in het nieuw samengesteld gezin. Beide ouders, één van beiden of geen van beiden kan recht hebben op een sociale toeslag. Hebben beide ouders er recht op, dan ontvangt elk van hen de helft van het bedrag. Heeft slechts één ouder recht op de sociale toeslag, dan ontvangt die ouder de helft van het bedrag van de toeslag. Het bedrag wordt dan uitbetaald op het rekeningnummer dat die ouder opgeeft, los van het rekeningnummer waarop het basisbedrag en eventuele andere toeslagen gestort worden.

  • Het kind woont meer bij de ene dan bij de andere ouder

Bij niet gelijkmatig verdeelde huisvesting wordt gekeken naar het inkomen van de ouder waar het kind het meeste verblijft, binnen zijn of haar nieuw samengesteld gezin. Heeft deze ouder recht op de sociale toeslag, dan ontvangt hij/zij het volledige bedrag van de toeslag.

Verblijft een kind in een pleeggezin, dan wordt het voor de berekening van de sociale toeslag en de gezinsgrootte volledig meegeteld in het pleeggezin.

Bij plaatsing in een instelling wordt het kind voor de berekening van de toeslag en de gezinsgrootte volledig meegeteld in het gezin waar het verbleef voor de plaatsing, tenzij anders beslist door de rechtbank.

Inkomen

Het inkomen wordt automatisch vastgesteld op basis van het laatste aanslagbiljet, voor de duur van één jaar (het toekenningsjaar). Het recht op een sociale toeslag geldt voor dit volledige toekenningsjaar, tenzij de gezinssituatie wijzigt (nieuw kind, andere gezinssamenstelling ...). Het toekenningsjaar loopt van 1 oktober tot 30 september van het daaropvolgende kalenderjaar.

Gezinsinkomen bestaat uit:

  1. het belastbaar inkomen, voor aftrek van:
    • beroepsinkomsten:
      • in loonverband: vóór de aftrek van beroepskosten
      • als zelfstandige: na de aftrek van beroepskosten, vermenigvuldigd met een factor 100/80;
    • uitkeringen van de ziekteverzekering;
    • werkloosheidsuitkeringen;
    • pensioenen;
  2. 80% van de ontvangen onderhoudsgelden;
  3. inkomsten uit onroerende goederen (KI (kadastraal inkomen)*vreemd gebruik en voor eigen beroepsdoeleinden);
  4. de inkomensvervangende tegemoetkoming, toegekend aan personen met een handicap;
  5. het leefloon (of equivalent);
  6. de inkomsten toegekend aan de personeelsleden van een Europese of andere internationale instelling, voor hun totaalbedrag, verminderd met de persoonlijke bijdragen voor de door de instelling georganiseerde verzekering voor de dekking van sociale zekerheidsrisico's.

Alarmbelprocedure

Het aanslagbiljet geeft niet altijd een juiste weerspiegeling van je actuele inkomenssituatie (meestal inkomens van twee jaar geleden). Door omstandigheden kan je plots een zwaar loonverlies lijden of kan je gezinssituatie drastisch wijzigen (vb. alleenstaande worden), waardoor je nu wel recht zou hebben op een sociale toeslag.

De toeslag kan dan ook op deze wijze toegekend worden:

  • Elektronisch: als een ouder een leefloon, een inkomensvervangende tegemoetkoming (IVT), of een inkomensgarantie voor ouderen (IGO) ontvangt, dan zal de uitbetaler voor die maanden automatisch de sociale toeslag toekennen.
  • Manueel: hiervoor toon je zelf aan je uitbetaler dat je inkomen gedurende minstens zes opeenvolgende maanden onder de vermelde inkomensgrenzen ligt. De sociale toeslag wordt dan betaald voor de aangetoonde periode en dit tot aan de start van het eerstvolgende toekenningsjaar.

Een toekenningsjaar loopt van 1 oktober tot en met 30 september van het volgende kalenderjaar.